Uitbreiding camping De Haeghehorst in het Natura 2000-bos. College van B en W keurt begraven stobben in de grond goed en geeft vergunning af (januari 2019)

Medio december (2017) werden de bewoners van de Fazantlaan e.o. geïnformeerd door de gemeente dat na 18 december 2017 boswerkzaamheden zouden plaatsvinden ten behoeve van de uitbreiding van camping De Haeghehorst.

Even het geheugen opfrissen. Camping De Haeghehorst aan de Fazantlaan mag aan de achterzijde met 30.000 m2 uitbreiden in het gemeentelijke bos (Natura2000 gebied) en een parkeerplaats maken voor gasten van de camping op de hoek van de Fazantlaan/Harderwijkerweg, eveneens in gemeentelijk bos. Deze plannen zijn van 2014 en zijn na gerechtelijke procedures recent (april 2017) definitief geworden. Zie ook onze berichtgeving onder "De gevolgen van de uitbreiding van de camping De Haeghehorst".

De parkeerplaats heeft tot doel om de parkeerproblematiek op de Fazantlaan van kris-kras parkerende auto's te beeindigen. Dat is een goede zaak want het leverde vaak gevaarlijke situaties op. Op de Fazantlaan komt aan beide zijden een parkeerverbod, dus het is straks alleen een kwestie van handhaven, mocht er toch weer geparkeerd worden.

Aan de achterzijde van de camping in het bosgebied tussen de Fazantlaan en de Staringlaan, is men dus begonnen met het weghalen van veel bomen. Van de belofte/uitlating van weth. J. van den Bosch (CDA): "Straks wordt het wel kamperen onder de bomen maar het groen blijft zoveel mogelijk behouden" komt gelet op de kapacties die inmiddels zijn uitgevoerd, niet veel terecht. Daarnaast heeft ook de januari-storm er voor gezorgd dat er van de bomen die men had laten staan ook weer ca. 20 zijn omgewaaid.  Het is dus een kale boel geworden.

Wanneer kan de uitbreiding van de camping De Haeghehorst feitelijk beginnen?

Pas als de natuurverbetering en natuurcompensatie geheel is afgerond.

In de natuurbeschermingswetvergunning die op 1 juli 2016 is gepubliceerd (lees hier in het bijzonder reactie 1c en 2g) + de anterieure overeenkomst die is afgesloten tussen de gemeente Ermelo en De Haeghehorst (lees hier) staat namelijk duidelijk dat de natuurverbetering (de 15 ha aan de Leuvenumseweg/Staringlaan, lees meer) én de natuurcompensatie aan de Flevoweg (zie vergunning hiervoor) geheel moet zijn afgerond en gerealiseerd vóórdat de camping De Haeghehorst kan beginnen met het geschikt maken van het nieuwe terrein voor recreatief gebruik.

De provincie Gelderland is (als verantwoordelijke instantie voor de Natuurbeschermingswetvergunning) aan zet om te controleren of dat ook het geval is. Uit informatie van de afd. Handhaving van de provincie is gebleken dat het wachten is op het afsluiten door de gemeente van een aantal paden in het bosgebied aan de Staringlaan/Leuvenumseweg. Medio juli 2018 is dat nog niet gebeurd.

Verder is ook gemeld dat nog niet alle uitheemse bomen uit het desbetreffende natuurverbeteringsgebied (de 15 ha) zijn verwijderd. Op zich hoeft dat ook niet want daar heeft de gemeente in principe 5 jaar de tijd voor. De komende jaren gaat men dus weer verder aan de slag!

Intussen op het uitbreidingsterrein van De Haeghehorst/ stobben worden weggewerkt in de grond ten behoeve van een zandwal:

Ondertussen is de realiteit dat de gemeente Ermelo de bomen grotendeels heeft gerooid en afgevoerd. Namens De Haeghehorst zijn de boomstobben inmiddels uit een groot gedeelte van het terrein gegraven en weggewerkt in een groot gat in de bosgrond. De bergen witzand aan de zuid-oostzijde zijn daar het gevolg van. De sleuven voor de eerste leidingen zijn gegraven, 4 glampingtenten zijn gebouwd op het westelijk gedeelte en een groot gedeelte van het terrein (zuid west) is geegaliseerd en ingezaaid met gras. Tevens is het terrein inmiddels geheel omheind. De boomstobben in het oostelijk deel zijn inmiddels ook uitgegraven (april). Sindsdien is het stil op het nieuwe terrein. Eind mei is er echter opnieuw aktie en zijn de boomstronken van het oostelijk deel uitgegraven en buiten het terrein langs het paardenpad gelegd.

Uit een recente vergunningsaanvraag van De Haeghehorst is gebleken dat men een geluidswal van ca. 75 mtr. wil aanleggen tussen het hondentrainingsveld en het uitbreidingsgebied. Tegen de geluidsoverlast. Het zand dat vrijgekomen is bij het ingraven van de stobben is "gebruikt" voor het eerste gedeelte van de wal. Eind mei zijn er ook vele vrachtwagens zand gebracht, dat van het parkeerterrein is gekomen op de hoek van de Harderwijkerweg/Fazantlaan. Dit zand moest op last van de gemeente worden verwijderd omdat het op de zgn. kroonprojectie van de daar aanwezige bomen lag waardoor deze geen zuurstof meer  krijgen en zouden afsterven. Vervolgens zien we dat een gedeelte van het het uitbreidingsterrein aan de achterzijde van De Haeghehorst gebruikt wordt als zanddepot (zie onderstaande foto's). Het heeft in ieder geval niets van doen met een geluidswal. Ook daar wordt het onder de daar aanwezige bomen gelegd, waardoor deze uiteindelijk ook zullen afsterven. Wellicht wordt de berg witzand uit de bodem hiermee afgedekt, zodat dat ook niet meer te zien is. Wij zijn benieuwd of de gemeente oplettend genoeg is en daar wat aan zal doen. Het college van B en W is hierover eind mei in elk geval schriftelijk geïnformeerd.

Hieronder een aantal foto's (ook van het wegwerken van de stobben en de nieuwe heuvels met zand).

Omdat er niet is gereageerd door het college van B en W hebben we een bezwaarschrift in moeten dienen. Lees verder ⇒

Op 23 november 2018 kregen we bericht dat de beslissing niet binnen 3 maanden genomen kon worden en dat deze is uitgesteld met 6 weken.

Op 11 januari 2019 ontvingen wij de beslissing op het bezwaarschrift. Op advies van de commissie bezwaarschriften is het oude besluit ingetrokken en is het nieuwe besluit genomen Het college van B en W heeft in dit nieuwe besluit vastgesteld dat er niet aan de vergunningsvoorwaarden van niet dieper dan 30 cm graven, was voldaan waarbij echter tevens werd vastgesteld dat de archeologische waarde van de grond niet onevenredig is geschaad en dat het college de omgevingsvergunning heeft verleend.

Het feit dat de archeologische waarde van de grond niet onvenredig is geschaad baseert het college op het feit dat bij het archeologische onderzoek (in 2014 bij het ontwerp bestemmingsplan Tonselse Veld) geen archeologisch vervolgonderzoek werd aanbevolen omdat de kans op het aantreffen van dergelijke resten laag was. En.. indien er bij de uitvoering van werkzaamheden onverwacht tóch archeologische resten zouden worden aangetroffen, de aannemer dat had moeten melden bij het Ministerie van OCenW. Aangezien het college geen bericht heeft gekregen van het ministerie, zijn er dus geen archeologische resten aangetroffen. De werkzaamheden zijn daarom achteraf vergund. Lees de beslissing hier ⇒